E. du Perron
aan
C. van Wessem

Gistoux, 15 mei 1931

Gistoux, Vrijdag.

 

Beste Constant,

We houden het dus voorloopig op 7 Juni. Ik ben dan zeker reeds in Brussel terug; denkelijk ga ik 3 of 4juni terug; je moet dan maar een dagje bij me in Br. logeeren, dan gaan we weer voor een paar dagen naar Gistoux; en waarom niet naar Waterloo?1799 Mooi.

Ik vind Hampton Court niet alléén sympathiek, maar ook dikwijls bepaald goed. Alleen in zijn ensemble is het duidelijk een ‘eerste roman’. Het hoofdstuk De Generaal vind ik een van de beste, misschien wel het beste; ik heb er dan ook niets van begrepen dat jullie Eline's gezicht hadden gekozen.1800 De Nederlandsche literatuur zit jullie tòch in het bloed; anders verklaar ik mij zooiets niet. Voor een jong, levend blad was De Generaal hèt aangewezen hoofdstuk, volgens mij. Maar al deze verschillen van meening geven niets. Maffie vind ik als ensemble minder, maar met één uitstekend fragment erin. Eline's gezicht sluit zich weer bij onze ‘traditie’ aan. Een heel goed hoofdstuk vond ik ook Het leven met Van Haaften.

Over de rotboel van mevrouw Nijhoff1801 sinds lang volkomen accoord; laat ons daarover zwijgen. (Marsman schreef me anders net dat hij het zoo beroerd niet vond; hij meende dat het in boekvorm verbeterd was.)

De Onzekeren, ook het fragment dat nu af is,1802 zal ik wschl. nog eens geheel anders maken. Laat vooreerst maar sluimeren, nu iedereen er zoo tegen is, behalve - ik tel het rijtje weer af: Vic Vriesland, Greshoff, jij. - Dat Pom zich tegen Schuim en Asch verzette, zou (als het waar is!) weer teekenend zijn! Tusschen het fregatschip en dit zou mijn hart tenminste geen oogenblik schommelen: het eerste is mooi en àf, het tweede sterk en levend. Maar Pom is nu eenmaal de jonge vriend der oudere heeren. Ik zal het hem op een keer zeggen ook, als het er toe komt.

Hondius is dus één jaar jonger dan ik. Hoe grappig!

Met Stols heb ik over Chasalle noch over H. de Vries gesproken; later eerst, au moment propice. Eerst moet de serie bestaan. De Luchtkasteelen zelf moeten nog een laatste nr. brengen: die Exploten van Tabarijn. Heb je Spelevaart gezien? Eig. toch niet erg mooi, hè? al had veel gered kunnen worden door tenminste een ander omslag.1803 Enfin, ik ben blij het boekje te bezitten; het is een jonge, maar eig. toch een verdòmd aardige bundel. Hollandsch èn frisch, iets unieks in onzen tijd.

Tot later. Het beste.

Je E

1799Dit i.v.m. Van Wessems Waterloo-verhaal.
1800DVB 8 (1931) 5 (mei), p. 133-140 en 6 (juni), p. 165-174, bevatte het negende hoofdstuk van Menno ter Braaks roman Hampton Court, getiteld ‘Eline's gezicht’. Blijkens een brief van Ter Braak aan Marsman d.d. 26 maart 1931 had de redaktie van DVB de vrije keus gehad uit hfdst. 4 t/m 10.
1801De roman Twee meisjes en ik van A.H. Nijhoff.
1802‘...E poi muori.’
1803Het omslag van Spelevaart was oranjekleurig.
vorige | volgende in deze correspondentie
vorige | volgende in alle correspondentie