E. du Perron
aan
J. Pée

Bergen, 29 maart 1940

Bergen, 29 Mrt. '40.

 

Zeer geachte Heer Pée,

Ik heb goed bericht: de uitgeverij Contact, die mijn ‘luizen’ uitgaf, voelt er alles voor om de ‘definitieve’ Mult.-editie uit te doen komen, vmdl. in 12 dln. Stuiveling en ik zouden die dan bezorgen. Als dit doorgaat, zou het wel heerlijk zijn, en de uitgever zou het in 3 à 4 jaar klaar willen hebben. Wat zegt u ervan? - Ik heb uit Indië de causerieën van Mult. in de Locomotief, die komen er dan ook bij. Maar zouden we dan ook de brieven die u uitgaf (aan Funke in Mult. en de Zijnen, en de aangekondigde ‘reisbrieven’, en die aan Vosmaer) erbij kunnen krijgen? Ik bedoel: ook van de W.B.? Als niet iedereen meewerkt, wordt die uitgave natuurlijk ook niet heelemaal compleet, en daar zouden we toch allemaal naar moeten streven. Is u uit den oudsten tijd van M. iets bekend? Brieven aan zijn ouders en dgl., van tot zijn 21, 22e, bedoel ik. Ik wou ook van zijn dienstbrieven de meest karakteristieke opnemen, bv. die aan Michiels.6866

Over een paar dagen stuur ik u een overdruk van het portretten-artikel. Met vriendelijke groeten, steeds gaarne de uwe,

EduPerron

6866Brieven van Douwes Dekker aan A.V. Michiels in P.M.L. de Bruijn Prince, Officiële bescheiden (enz.), tweede verm. druk, (Multatuli, Volledige werken VIII).
vorige | volgende in deze correspondentie
vorige | volgende in alle correspondentie