E. du Perron
aan
F.E.A. Batten

Batavia, 7 augustus 1939

Batavia, 7 Aug. '39.

 

Beste Freddy,

Gisteren nog een brief van je (die over Cesar Bombay). Goed, we zullen dit heerlijks uitgeven, maar waar? In Frankrijk? - Jammer dat je Léautaud zond, natuurlijk komt dat boek te laat en moet dan nr Europa terug. Waarom 't niet doodgewoon voor me bewaard? Lezen kan ik toch niet meer! - Die stukkies6182 over Romein en Van Bovene ‘in de marge’ waren niet van mij (weet je nòg niet dat ik nooit ongeteekend spul publiceer?) maar - als trouwens de heele ‘marge’ altijd - van D.M.G. Koch. - Ik las dien meneer Bousquet van je: 't is een idioot van een croix-de-feu! Toch wel zielig dat we, àls we in Indië, op fransch enthousiasme getrakteerd worden, het op zùlk enth. moet zijn! Ik zal erover schrijven6183 in K. en O. - Tot slot dit: je mag me gerust van de boot halen, graag zelfs! Maar... je zult niet veel aan me hebben, vanwege dat logeeren bij die tante. Maar kom, als je met weinig tevreden bent, bij die 1e ontmoeting. We doen 't dan beter over in Den Haag.

Tot ziens. Je

E.

6182‘De “plebejische gedachte”’ en ‘“Hier is Indië!”’. In K&O 2 (1939-1940) 9 (16 juni 1939), p. 131.
6183‘Het boek van Prof. Bousquet’ (over G.H. Bousquet, La politique musulmane et coloniale des Pays-Bas. Parijs 1939) als ‘Brief uit Holland III’ in K&O 2 (1939-1940) 23 (16 januari 1940), p. 356-360, 24 (1 februari 1940), p. 373-376 en K&O 3 (1940-1941) 1 (16 februari 1940), p. 6-8; ook onder de titel ‘Een Frans geleerde over Holland's koloniale politiek’ in De nieuwe kern 6 (1939-1940) 5 (februari 1940), p. 150-157 en 6 (maart 1940), p. 177-185 (Vw 7, p. 412-439 als ‘Vierde brief (8 Dec. '39)’ van ‘Brieven uit Holland’).
vorige | volgende in deze correspondentie
vorige | volgende in alle correspondentie