E. du Perron
aan
H. Samkalden

Bandoeng, 30 oktober 1938

Bandoeng, 30 Oct. '38.

 

Beste Hugo,

Eerst vandaag kreeg ik van Bep het heele dossier van de manifestatie Zentgraaff.5621 He, he, eindelijk is het dan zoo ver. Maar laat me beginnen met je allerhartelijkst te bedanken voor het warme aandeel dat jezelf in dezen genomen hebt. Ik las met plezier je brief en constateerde met wijsgeerig knikken dat Z. je wèl op praatjes vergast heeft, maar blijkbaar toch te beroerd was om je stuk te plaatsen. Dat ging ook slecht, met al die citaatjes... De behoefte van dit corrupte vee om voor vlekkeloos paladijn door te gaan, blijft toch heel groot. - Wat K. en O. betreft, verwonder je niet als ze de zaak geen plaatsing waard vonden. Zelfs Koets, hoor ik, was er ferm tegen. Waarom de democraten inderdaad onder den voet geloopen zullen worden, blijkt uit zoo'n kleinigheidje eig. even duidelijk als uit het beleid van Chamberlain. Te fatsoenlijk om werkelijk te vechten; alleen in staat om te signaleeren en te protesteeren hoe gemeen de vechtlustige vijand is.

Enfin, ik ben nu weer zoowat op de been en de beurt is dus aan mij. Binnen de week zal mijn stuk klaar zijn. Zijn de heeren van K. en O. te fatsoenlijk om ook dàt te plaatsen, dan treed ik meteen uit de redactie omdat dan ook wel duidelijk gebleken zal zijn wat we allemaal al van den aanvang vreesden: dat ik te onfatsoenlijk voor deze redactie zou zijn.

Gek genoeg: je eerste brief heb ik nog steeds niet gelezen. Bep zou hem voor mij meebrengen en nam bij vergissing iets anders mee, daarna vergat ze 't weer. Maar morgen ga ik naar huis; daar lees ik hem zeker. Ik ga dan alweer wat door de kamers scharrelen; hier is te weinig plaats, zoodat ik me eig. stevig verveel.

Wie schrijft eig. over Mult. 2e pleidooi voor 't Bat. Nwsbl. Ik vind het, eerlijk gezegd, wat dwaas dat deze boeken (M.v.L. en dit) voor K. en O. besproken worden, terwijl ik zelf redactielid van K. en O. ben. Het beste lijkt mij dat ze voor K. en O. niet besproken worden en dat jij, als jij nu toch deze taak op je neemt, gewoon een vervolg-art. over Mult. II in 't B.N. zet.5622 Daar heb je ook meer plezier van als je een paar lieve dingetjes wilt citeeren en zoo.

O ja, kan je me omgaand alle ‘materiaal’ zenden van Z., zooals afgesproken is. Ik beloof je dat de striemen er ditmaal dik op zullen zitten, en let wel: per slot heeft de oude zondaar precies gemanoeuvreerd zooals ik wilde dat hij 't doen zou. Alleen mijn ziekte viel bui-ten de berekening, maar dat is in een paar woorden rechtgezet. Ik weet al ‘ongeveer precies’ hoe mijn stuk worden zal.5623

Hartelijk gegroet, en een hand van je

E.

5621In ‘Sluipend gif’ in De Java-bode van 15 oktober 1938 sloot Zentgraaff zich aan bij de kritiek in de gelijknamige brochure van Wutse en voegde daaraan toe dat DP's ‘baantje’ bij het Landsarchief als een gunst van de ‘gemeenschap’ beschouwd diende te worden. In De ochtendpost van 18 oktober 1938 hekelde J. Veersema Zentgraaff als zedenmeester zonder benul van literaire waarden, waarna Groeneveld (ps. voor Van der Kop) in De ochtendpost van 25 oktober 1938 zijn lof uitsprak over Het land van herkomst.
5622Zie Sk., ‘Multatuli, Tweede pleidooi, De vermommingen van Jan Lubbes’. In Bataviaasch nieuwsblad van 12 november 1938 (ocht.). Zie voor Samkaldens bespreking van De man van Lebak 3333 n 2.
5623‘Van oude mensen, de dingen die voorbijgaan ...’. In de rubriek ‘Indisch memorandum’. In Kritiek en opbouw 1 (1938-1939) 19 (16 november 1938), p. 291-294 (Vw 7, p. 13-27).
vorige | volgende in deze correspondentie
vorige | volgende in alle correspondentie