E. du Perron
aan
G.M.G. Douwes Dekker

Tjitjoeroeg, 26 augustus 1937

Tjitjoeroeg, Donderdagmorgen vroeg.

Waarde Heer Douwes Dekker,

Als u mij de proeven nog niet teruggezonden hebt (in welk geval deze brief overbodig wordt), wilt u het dan omgaand doen? Ik was 2 dagen in Batavia, moest erheen, in verband met het Landsarchief, en vond bij terugkomst hier een nieuwe brief van Q. met ‘spoed, spoed, spoed’.

Sinds eergisteravond terug houd ik me weer ononderbroken bezig met de proeven. Ik ‘duizel van Multatuli’, en heb er op 't oogenblik gewoon geen kijk meer op! Gelukkig dat mijn vrouw mij haar ‘frissche blik’ op het geval geeft. En nu verwacht ik nog wat hints van u, maar daarom: hoe gauwer hoe liever, want dan hoef ik er niet zoo gehaast rekening mee te houden.

Op verschillende punten overigens zullen wij elkaar van beide zijden al wel ‘voor’ zijn geweest. Om u een idee te geven: de laatste blzn. van het voorwoord heb ik grootendeels geschrapt (om niet in herhalingen te vervallen, wat altijd zwakker maakt; behalve waar herhalen werkelijk pas heeft); - Oudste Tijd is vrijwel zoo gebleven (op één stukje uit den tijd van Caroline V. na, dat ik er nog tusschen gezet heb); - in Sumatra's Westkust is het stukje over het ‘jeugdportret’ geschrapt, omdat Mimi hem zelf daar niet op herkende (blz. 66); - in Krawang heb ik dat Nieuwjaarsvers in de Javasche Crt. vermeld; - In Bagelen, Menado, Ambon is een stukje bijgekomen over Bagelen en een ander over Menado; beide uit de corresp. met Roorda v. Eysinga; een noot over de pantalon-man, die Oger schijnt te zijn van Oger frères bij de Harmonie, en een opmerking over het huis v. Valentijn waarin Mult. meent gewoond te hebben op Ambon (volgens brief aan Tiele); - in Europees Verlofheb ik nog vermeld het toetreden tot de vrijmetselaarsorde in Gorcum; het commentaar op den brief na Homburg verzacht (blz. 196), al was 't enkel door 't woord ‘zwijnerij’, dat ik losweg had neergepend, maar dat èn door vrienden èn door vijanden zwaar opgenomen kan worden, te veranderen in ‘erotiek’.4847 (Hijzelf zegt op verschillende plaatsen dat hij ‘telkens verliefd’ is, en deze kant van hem te verbloemen zou kinderachtig zijn.)

In Lebak is zooveel geschrapt, bijgevoegd en veranderd, dat het een speciale administratie zou vergen. Grosso modo heb ik verscheiden stukken over De Kock geschrapt, omdat deze man, al was 't dan door mijn verontwaardiging over zijn idiootachtige laagheid, te veel importantie kreeg (hij mag alleen als type fungeeren van Mult.-bestrijder); daarentegen heb ik Saks in 3 tusschengevoegde stukken à faire genomen.*4848 Geheel geschrapt is alles wat De Kock aanhaalt over Multatuli's ‘tegen-Holland-zijn’, dus blz. 278 onderste helft en de heele blz. 279. De politieke opinie van Mult. is te delicaat om hier zoomaar te behandelen; dat goed te doen zou een apart hoofdstuk vereischen.4849 In het kommentaar op de brieven aan Pahad,4850 dat daarop volgt (blz. 280) heb ik een stuk geschrapt, ook al om geen troeven aan de ‘tegenpartij’ te geven. In het kommentaar op den ‘grooten’ brief - ‘ons’ document’4851 - heb ik die ‘haatzaai’ - wet geschrapt, om geen slapende honden wakker te maken, verder wat overbodig geklieder over de indeeling van de blzn., - dat ziet men wel, hoe die verdeeld zijn! Met nadruk heb ik er echter bij gezet dat ik het stuk publiceer, in 1937, en dat Mult. het altijd heeft ‘binnengehouden’. - Verder heb ik geschrapt: een zinnetje op blz. 220, waarin stond dat Dekker geen tijd verloor om zijn ‘groote slag’ te slaan, iets wat totaal verkeerd opgevat zou kunnen worden; terwijl erbij gekomen is: een stukje over Brest van Kempen op Madoera, en een noot van Mult. over B.v.K.'s ‘fort’: het tegengaan van gedwongen werving voor het leger.4852 Hoopen detail-veranderingen laat ik hier natuurlijk buiten beschouwing. Ik werk er nog telkens aan, zooveel ik meen te mogen!

In de rest is niet veel veranderd, behalve het slot (de allerlaatste blzij), dat ik totaal gewijzigd heb: er is ½ blzij bijgekomen, die nu het slot vormt.

Ziedaar! U hebt zeker opgemerkt hoe consequent ik ‘Dekker’ en ‘Multatuli’ uit elkaar heb gehouden, precies als ‘Bonaparte’ en ‘Napoleon’...

Ik wacht nu dus op uw kantteekeningen. In dank, gaarne uw

EdP.

4847De door DP genoemde passages uit De man van Lebak zijn terug te vinden op p. 28-36 (Vw 4, p. 30-38), 101 (Vw 4, p. 100), 138 en 141 (Vw 4, p. 157 en 158), 153 (Vw4, p. 152), 160 (Vw 4, p. 194), 169 (Vw 4, p. 204) en 181 (Vw 4, p. 215).
*In dit verband afdoend, al hoop ik er in Gr. Ned. op terug te komen.
4848Mogelijk De man van Lebak, p. 219-220 (Vw 4, p. 263-264), 247-248 (Vw 4, p. 304-305) en 260-262 (Vw 4, p. 329-331).
4849Vgl. 3264 n 4.
4850Zie De man van Lebak, p. 265-266 (Vw 4, p. 348).
4851Zie De man van Lebak, p. 268-289 (Vw 4, p. 349-368).
4852Zie De man van Lebak, p. 231 (Vw 4, p. 283).
vorige | volgende in deze correspondentie
vorige | volgende in alle correspondentie