E. du Perron
aan
F.E.A. Batten

Den Haag 24 februari 1932

Den Haag, Woensdag.

 

Beste Freddy,

Dank voor brief en vertalingen.2089 Die meneer Klabund - het zal wel aan mij liggen, maar ik geloof dat je gelijk hebt: het is me te Duitsch.* Het eenige nogal aardige verhaal vind ik Margarete Andoux. De rest.... is te goed voor mij! Ik stuur je de vertalingen terug, omdat je ze best eens zou kunnen plaatsen, in Gr. Nederland bijv., dat wel vertalingen opneemt. Probeer het eens. Anders in De Nwe Eeuw.

In ieder geval blijf ik zeer getroffen door je attentie, dit alles voor mij te verdietschen.

Je kunt Stols schrijven uit mijn naam en hem vragen of je ook korting krijgt. - Als ik weer in Holland terugkom, wil ik graag eens bij je komen, maar nu heeft mijn moeder mij weer noodig in België. Van 1 tot minstens 15 Maart zal ik dus weer dààr zitten, misschien wel langer. En in deze laatste dagen hier voel ik mij slap en heb ook eigenlijk geen tijd.

Ik zal je vóór mijn vertrek misschien nog een boek zenden, met aanwijzingen, voor den binder. Wordt het goed, dan heb ik direct 11 dln. Stendhal voor hem; of iets anders. Kan de man ook behoorlijk portretten inplakken en zoo? niet scheef of met vuile lijmvlekken?

Nu, beste, groeten aan Rudie, en tot later.

Steeds gaarne je EdP.

2089Van Klabunds Novellen von der Liebe (1930), waarin o.m. opgenomen ‘Das Lächeln der Margarethe Andoux’.
*Zelfs zoo, en waar jij zou zeggen: het moet méér in het Duitsch.
vorige | volgende in deze correspondentie
vorige | volgende in alle correspondentie