E. du Perron
aan
F.E.A. Batten

Batavia, 26 juni 1938

Bat, 26 Juni '38.

 

Beste Freddy,

Bor, Amb. Oorlogen hoeft niet meer, heb ik gevonden.

Keyts ook. Die verzen stonden in de Bijdr. Taal-Land en Volkenkunde.

Ik moet alleen nog hebben (als je ze me niet al zond):

Inlichtingen over Cramer's Tijfferboom, die onduidelijke woorden; en dat nieuwe vers waar ik je om vroeg.5440

J. Steendam, Zeede-zangen voor de Bataviasche Jonkheyt - daar 't meest ‘oostersche’ vers uit, als je 't boekje vond.

Abraham Bogaert, Gedichten 1723. Daarin staan, volgens De Haan, op blz. 498 een indisch gedicht (v. 1702); op blz. 501 een verjaarsvers voor den G.G. Van Outhoorn.5441 Die 2 zijn voor mij wel genoeg.

In de verzen die je voor me overschreef van Jeremias de Decker was de spelling gemoderniseerd. Daar dit de eenige poeët is bij wien dit zou voorkomen, moet ik je helaas vragen mij diezelfde verzen te bezorgen in oorspronkelijke spelling. Jammer! Het zijn: a/ Heil en Voorspoed aan N. van Oosterwijck op zijne reize na O.I. met de Phoenix (een sonnet). b/ Uitzang v. zijn broer naar Batavia met de Walvisch, - alleen strofe 1 t/m 10; - c/ Aen mijn broeder te Batavia in de Oost overleden, alleen de eerste 18 regels. - Dank!

Hartelijk gegroet door je

E.

De Steenbergsche Familie is ‘besteld’!

5440Mogelijk is een brief niet teruggevonden. DP heeft nog niet eerder geschreven over onduidelijke woorden en een nieuw vers in verband met Cramers Tijfferboom. Ook Livinus Bor, Amboinse oorlogen (Delft 1663; zie De muze pan Jan Companjie, p. 20-23) kwam nog niet ter sprake.
5441Van de drie passages uit gedichten van Bógaert die DP heeft opgenomen in De muze van Jan Companjie, komt die op p. 89-90 overéén met p. 297-299 van A. Bógaert, De gedichten (Met printverbeeldingen. Amsterdam 1723) en die op p. 86-88 grotendeels met p. 503-504 en 505-508 van De gedichten.
vorige | volgende in deze correspondentie
vorige | volgende in alle correspondentie