E. du Perron
aan
P.N. van Eyck

Bergen, 25 oktober 1939

Bergen-binnen, 25 Oct. '39
Nesdijk 19.

 

Zeer geachte Heer Van Eyck,6277

Sedert een maand ben ik in Holland terug. Ik hoop zeer u nog eens te zullen ontmoeten, en als u daar niets tegen hebt zouden wij misschien iets kunnen afspreken wanneer ik in Den Haag zal zijn. Op 't oogenblik zitten wij hier in Bergen, bij mej. Meuter (die u misschien wel kent), iets verder dan Jany op de Nesdijk. Ik denk dat we hier nog een dag of 14 blijven; tegen 10, 15 November denk ik in Den Haag te zijn. Misschien gaan we daar zelfs wonen, in de buurt van de duinen of zoo.

Dit alles als inleiding, om u het volgende te vragen. Ik heb op 't oogenblik een literaire kroniek in het Bataviaasch Nieuwsblad, een van de 3 of 4 ‘groote kranten’ van Indië. Die kronieken vullen per keer 3 à 5 kolom. Nu zag ik bij Jany een paar boeken liggen van de reeks nederlandsche ‘klassieken’ die u mee helpt uitgeven, bij Elsevier. Zoudt u den uitgever willen vragen mij een recensie-ex. van elk boek van die reeks te zenden? Dat er al een paar uit zijn, is voor Indië niet erg. Ik dacht ze te behandelen - óók de reeds verschenene - in die kroniek van me, die in Indië tot mijn eigen verwondering veel gelezen wordt; soms 1 boek, soms 2 boeken per kroniek.

Als ‘vast adres’ voor den uitgever kan ik vooreerst slechts opgeven: bij mevrouw Batten, Sportlaan 125, Den Haag. Dat verandert later dan wel.

Ik dank u bij voorbaat en blijf, na vriendelijke groeten, ook aan uw vrouw, gaarne uw dw.

EduPerron

6277Mr. P.N. van Eyck (1887-1954), dichter-essayist, van 1935 tot 1954 hoogleraar Nederlandse taal- en letterkunde te Leiden, was mederedacteur van de Bibliotheek der Nederlandse letteren; DP besprak de eerste vijf delen daarvan in BN van 13 en 27 januari 1940 (av.) onder de titel ‘Onze letteren in honderd deelen’ (Vw 6, p. 488-500).
vorige | volgende in deze correspondentie
vorige | volgende in alle correspondentie