E. du Perron
aan
F.R.J. Verhoeven

Amsterdam, 30 september 1939

Amsterdam, 30 Sept. '39.

 

Beste Bob, We zijn, niet zonder moeite en na allerlei zee-avonturen, den 21en in Vlissingen aangeland. Alles is onzeker hier, en wij zelf voelen ons zeer onwennig; we hebben v. allerlei te doen en kunnen nog niet besluiten waar te wonen. Dank voor je certificaat, dat ik in Den Haag vond. Zeg Wies6214 dat ik juffr. Roelofs sprak, haar heel aardig vind en haar het pakje (dus) niet onthield. Verder belde ik prof. Posthumus6215 op, maar als die juffr. Stolk of Stolp6216 hem geschreven heeft, moet ze dat bij vergissing in het arabisch hebben gedaan, althans de man wist van nix of liever, deed of hij van nix wist. (Hoewel hij mij wel vroeg ‘of ik aan een boek bezig was’). Wij maakten toen een afspraak voor 3 uur; ik was precies op tijd, maar om kwart over 3 moest ik nog wachten. Daar ik me voorgenomen heb voor dit soort poerummakerij nooit meer dan een kwartier beschikbaar te stellen, ben ik toen weggegaan. Ik heb deze comedies ook in Indië nu wel leeren kennen, en als de prof. mij niet heeft willen zien is hij een goed psycholoog. Zeg dat aan juffr. Stolp.

Later meer en beter, als er iets vast staat. Dag! Je

E.

6214Wies Perelaer had een pakje meegegeven voor mw. M.A.P. Roelofsz, archivist op de koloniale afdeling van het Algemeen Rijksarchief te 's-Gravenhage.
6215Dr. N.W. Posthumus (1880-1960), hoogleraar economische en sociale geschiedenis aan de gemeentelijke universiteit van Amsterdam, directeur van de Economisch-historische bibliotheek en het Internationaal instituut voor sociale geschiedenis te Amsterdam.
6216Mw. A. Stolp, een kennis van Wies Perelaer, was voor haar vertrek naar Nederlands-Indië bibliothecaresse van de Economisch-historische bibliotheek.
vorige | volgende in deze correspondentie
vorige | volgende in alle correspondentie