E. du Perron
aan
J. Greshoff

Parijs, 12 oktober 1935

Parijs, Zaterdag.

 

Beste Jan,

Kan je me dat boek zenden van John Charpentier (?) over Napoleon en de schrijvers van zijn tijd?3885 Graag zoo spoedig mogelijk, als je het bezit. Het is voor mijn aanteekeningen, waar ik nu flink mee bezig ben.

Ik zond Querido 70 blzn. ms., zoodat hij zich een idee kan vormen.

Verder ziet het er momenteel een beetje beroerd voor ons uit. Jij, met Gr. Ned., bent onze eenige kans. Zelfs D.G.W. is door Strengholt aan De Bijenkorf versjacherd, schrijft Menno, en Kramers is eruit gewimpeld.3886 Het blad wordt nu een reclameblaadje van niets, met ‘frissche, opbouwende’ stukjes! - Hoe meer ik erover nadenk, hoe meer ik vind dat Vestdijk bèst is, als redacteur. Als hij maar begrijpt dat hij Gr. Ned. niet heelemaal alleen kan vullen. Hij kan verder gerust in ieder nr. iets hebben, want hij is altijd lezenswaard.

Het boek van Guilloux is klaar, komt eerstdaags uit, 433 blzn. compresdruk, titel: Le Sang Noir.

Wilde Boucher tenslotte je bundel niet uitgeven, zoodat Sander het doen moet? Doe je er nog latere verzen bij?3887 Verander je nog die stoplap ‘hoor die oude wijs’ in ‘Sara Malcolm’, etc.

Het beste met je werk. Hartelijk je

E.

 

Ik schreef J.v.N. en kreeg vandaag antwoord. Het ergste is dus voorbij.

3885Napoléon et les hommes de lettres de son temps. Paris 1935. Zie De groene Amsterdammer 8 februari 1936 (Vw 5, p. 94-101).
3886Met ingang van september verscheen DGW onder redaktie van Han G. Hoekstra. Zie Bw TB-DP 3, p. 302 en 332.
3887Gedichten 1907-1936, verschenen bij Stols in 1936, werd in vergelijking met Gedichten 1907-1934 uitgebreid met de afdelingen ‘Voces mundi’ en ‘De verloren zoon’.
vorige | volgende in deze correspondentie
vorige | volgende in alle correspondentie