E. du Perron
aan
H. Marsman

Bellevue, 14 maart 1933

Bellevue, 14 Maart '33.

 

Beste Henny,

Dank voor je schrijven, dat mij weer eens veel goed gedaan heeft. We zullen zien wat er gebeurt. Iemand houdt zich nu in Brussel op althans eerlijke manier met het verkoopen van Gistoux bezig, zekere Timmers Verhoeven, directeur van de Levensverzekering Mij ‘Utrecht’, dus iemand met veel relaties. Wat mij alleen zoo pest, is het verrot-valsche optreden van dien notaris, die nu weer een Brusselsch passief van 60.000 frs. signaleert, wat mij hoogst onwaarschijnlijk voorkomt. Ik heb gespecifieerde opgaaf gevraagd, maar dan komt er geen antwoord. Enfin, dat gaat misschien zoo gauw niet. In ieder geval heb ik de overtuiging dat die ellendelingen niets doen om de boel te vergemakkelijken, alles om te compliceeren en zoo duur mogelijk te maken. Ik voel me echt ‘overgeleverd aan de Joden’.

Een ander ding voel ik met beklemmende zekerheid: als ik geen baantje vind buiten de schrijverij, ben ik voor de literatuur verpest. Je hebt er geen idee van hoe dat schrijven van stukkies, rapportjes en zoo, mij nu al dwars zit. Ik ben begonnen aan mijn Indische ‘roman’ (autobiografisch, en hoe!) - het moet wschl. gaan heeten: Het Nu en Vroeger van Arthur Ducroo. Ik heb er nu 30 blzn. van klaar en ben boordevol invallen, élans en herinneringen, maar telkens is er een dag waarin ik mij totaal lamlendig voel, omdat ik een groote portie kracht aan een rotstuk geven moet. (Bv. gisteren een inept stuk over een bezoek aan het Holland-gebouw van de Cité Universitaire,2583 een journalisten bijeenkomst met handjesgeverij aan Loudon, onzen gezant - griezelig op zichzelf, en als je dan de beste, brave, zielige klooten ziet, waar je je dan mee verbroederen moet en flauwe grapjes mee maken. Van Loon, Voorbeytel en Pollones zijn verreweg de aannemelijkste; ce n'est pas jurer gros! Er was verder een verdomd vervelende en leukerige Jodenjongen die ik maar genegeerd heb en die mij achteraf voorkwam Herman van den Bergh te moeten zijn. - Enfin, ieder van die heeren is in staat 3 × zoo goed te schrijven over dit onderwerp, als ik. En vreemd genoeg, hindert mij dit, inpl. van dat ik er trotsch op ben; ik loop dan 2 volle dagen rond met een hekel aan mijzelf dat ik practisch zoo weinig ‘weerbaar’ ben, zoo ‘weltfremd’ of hoe dat heeten mag, zoo weinig ‘rendabel’ te maken!)

Het refrein van alles is: Als Gistoux - nu maar gauw - een beetje behoorlijk - verkocht worden kan... (Dan hebben we tenminste een jaartje om verder uit te kijken en de transformaties van deze rot-crisis af te wachten.)

Ik ben erg getroffen door je aanbod; maar laat ons hopen dat het nooit noodig zal blijken te zijn; dat ik me vóórdien zelf nog ergens verkoopen kan. - Als ik nu maar eens mij minder gepest kon voelen en tenminste die z.g. ‘roman’ aan Van Kampen kon afleveren, binnen een paar maanden...

Wat je briefkaart2584 betreft, je hebt volkomen gelijk. Ik heb Menno geschreven dat je volgens afspraak moest voorgaan. Kan je mij of Menno nu een paar fragmenten sturen (wat je zelf het liefste zou plaatsen - liefst afgeronde stukken - zei je niet dat sommige dingen eigenlijk losse verhalen vormden?) We kunnen dan bv. in Juli en Augustus 2 groote fragmenten plaatsen, en zelfs in Sept., als ze ons op zichzelf ‘verrukken’. Elsschot2585 kan dan van Oct. tot Dec., voor mijn part. Ik weet natuurlijk niet of Menno en Roelants hiermee accoord zullen gaan, maar ik wil het in die richting sturen. Dus zend omgaand wat je hebt en geven wilt.

Ik ben zeer tegen je stukje over de kath. poëzie.2586 Ging het werkelijk over de kath. poëzie, dan was ik er voor geweest. Maar een psychologische vergelijking tusschen Coster en Van Duinkerken moet je, vind ik, toch elders plaatsen dan in Forum. Het is een pest met jou, dat je stukken die voor ons geknipt zijn (als indertijd dat over de Holl. romans) aan De Nieuwe Eeuw geeft, en dit stukje, dat 100% Nieuwe Eeuw-sch is, aan ons stuurt! Schrijf liever ergens een stukje over de rubriek Panopticum die onder het opschrift Vluchtige Blikken door Spectator (het teekent iemands vernuft, zooiets) tegenwoordig in De Stem verschijnt. Er zijn menschen die beweren dat deze Spectator Dop Bles heet. Ik ben er absoluut zeker van dat hij Dirk Coster heet. Het soort vuilheid, de lafheid, de woordenkeus op bepaalde momenten (‘typus’, het gebral over Bed en Wereld), alles wijst op den euneuch van het hooger-leven, en deze manier van riposteeren - nadat hij had aangekondigd dat hij ‘lang niet malsch’ zou zijn - teekent den man. Iedereen mag mij haten, verafschuwen, laag schatten en wat dies meer zij, maar tot dusver heeft tenminste niemand in Holland het recht gekregen om mij ervan te verdenken dat ik met mijn vijanden anoniem - of pseudoniem - afreken. Mijnheer Dirk Coster, als hij Spectator is (wat jij beter te weten kunt komen dan ik), is een lafbek en een ploert. Waarom schrijf je daar niet eens over, in een onbewaakt oogenblik? Mijnheer Henri Borel is verrukt over 's mans ‘onmalschheid’ en ‘scherpe waarheden’, maar die pseudoniemheid vindt zelfs die fluim een bezwaar.2587

Ik ga uit Forum, omdat Bouws grif heeft toegegeven, dat Zijlstra controle op mij wenschte door de andere redactieleden, en omdat die controle (natuurlijk afgescheiden van Zijlstra's wenschen) inderdaad bestaat. Ik heb telkens weer oneenigheid gehad over panopticum-stukjes, die niet ‘goed’ waren volgens Menno, volgens Roelants, enz. Ik heb er nu genoeg van - vooral omdat zooiets toch eigenlijk te bête is om er zooveel belang aan te hechten. Stukjes als dat van Menno over Eykenboom2588 vind ik ook bepaald niet ‘goed’, en dat mijn stukjes, zelfs als zij persoonlijker zijn (wat ik in dit geval bv. nog zoo vrij ben te betwijfelen), schadelijker zouden zijn voor de eer van de redactie, of van Forum, kan ik eenvoudig niet toegeven. Daar Menno de controle op elkaar in principe door wil blijven voeren, ook na de ‘bekentenis’ van Bouws, maak ik graag plaats. Bovendien: volgend jaar zit ik God weet waar, misschien wel, voor de goedkoopte, in Lissabon. (Wij denken daar nu sterk over.) Engeland is onzin; als Bep daar Fransch moet onderwijzen, wat doe ik er dan? en ik zou er kapot gaan in dat land van hypocrisie en gele mist.

Wil je over alles wat ik je hierboven schreef, niet praten? Die Forum-historie blijft beter onder ons en van mijn plannen is niets zeker, dus... Als het niet zoo'n belabberd idee gaf, ‘naar buiten’, was ik direct uit Forum gegaan. Maar het zou jammer zijn als Forum zelf werd opgeofferd, of God weet welke nieuwe richting opeens insloeg; dus schrijf ik geen panopticumpjes en verdwijn met Jan. '33.2589 Je zult nog één oud panopt. van mij2590 lezen, dat niets polemisch heeft, en misschien een p.s. op jouw stukje tegen Pater Van Heugten,2591 die dierbare Hollandsche boere...kwee. Dan Schlusz, voor deze branche, hoop ik, al barstten er 50 Spectators tegen mij los. Ik wou dat ik ongestoord schrijven kon aan mijn Arthur Ducroo (waar je ook over zwijgen moet!)

Nu, Henny, dat is een lange brief. Hartelijke groeten, ook onder de vrouwen, nogmaals dank en een ferme hand

van je E.

 

Ik ben kwaad dat je mijn Wilhelmus niet hebt opgemerkt - dat is Godbetert het poëtische meesterstuk van het seizoen! (Op jouw 2 verzen na dan...)

Hoe zeg je in het Hollandsch - met de juiste juridische term - ‘déclaré nul et non advenu’? Vergeet dit niet, als je weer schrijft.

2583Werd niet in Het vaderland of Delftsche courant opgenomen.
2584Deze had vmdl. tot inhoud de aanbieding door Marsman van zijn roman De dood van Angèle Degroux ter publikatie in Forum. DP schreef Ter Braak hierover op 14 maart 1933 (Bw TB-DP 2, p. 6).
2585Kaas.
2586H. Marsman, ‘Katholieke poëzie’ (Bespreking van de bloemlezing Dichters der contra-reformatie door Anton van Duinkerken, Utrecht 1932). In Forum2 (1933) 6 (juni). p. 488-489.
2587Het stukje van Borel was getiteld ‘Een anonieme Spectator’, in Het vaderland van 16 februari 1933.
2588‘De oud-helden’. In Forum 2 (1933) 3 (maart), p. 244-245, n.a.v. de reacties op de muiterij op De Zeven Provinciën, waarvan P. Eikenboom commandant was.
2589Lees: januari '34.
2590‘Parijs bij nacht’. In Forum 2 (1933) 4 (april), p. 325-327.
2591Op J. van Heugtens stuk ‘De dood van het vitalisme?’ reageerde Marsman met ‘De dood van het vitalisme’ in Forum 2 (1933) 4 (april), p. 256-259. DP's bijdrage aan de discussie was getiteld ‘Postscriptum bij het voorafgaande’ (p. 259-260).
vorige | volgende in deze correspondentie
vorige | volgende in alle correspondentie