E. du Perron
aan
J. Greshoff

Parijs, 17 december 1935

Parijs, Dinsdag.

Beste Jan,

Dank voor de foto, die werkelijk ongelooflijk mooi is en ongelooflijk ‘up to’ je commentaar! Ik heb hem doorgezonden aan Pia met een vertaling van het grapje. - Ik werk nu weer hard aan van alles en nog wat: grieksche geschiedenis, russische dito, documenta-tie over de Kaukasus (Vrijdag, als er niets tusschen beide komt, ga ik met Pia werken in de Nationale). Ik schreef het je, geloof ik, al. Wees dus niet verwonderd als je weinig van me hoort. Griekenland en Rusland boeien me om het zeerst. Verder gaat alles geregeld; Bep en Alijn maken het best. Die 47 jaar van je zijn minder erg dan je hoogleverigheid, - maar ik hoop dat dit laatste gauw terechtkomt. Het is vandaag al de 17e en ik heb geen drukproef van Gr. Ned., wschl. is Coenen dus bezig om mijn bijdrage weg te werken tot Februari op zijn vroegst. Maar geduld tot de 20e alvorens er over te schrijven. Vestdijk en ik staan weer erg in correspondentie met elkaar.4010 Stuur me je stuk over Guilloux.4011 Hart. groeten en het beste, ook namens Bep, -

je E.

4010Deze brieven zijn niet teruggevonden. De prentbriefkaart van 7 mei 1937 (3181) is het eerstvolgende, teruggevonden schrijven aan Vestdijk.
4011Greshoff besprak Le sang noir in Het vaderland van 15 december 1935 (ocht.).
vorige | volgende in deze correspondentie
vorige | volgende in alle correspondentie