E. du Perron
aan
H. Marsman

Parijs, 29 november 1934

Parijs, 29 Nov. -

(Ik vertrek Maandag a.s.)

 

Beste Henny,

Ingesloten een brief van Querido. Ik zal hem zeggen dat ik hem den inhoud nader zal opgeven.* Vraag jij dus Nijhoff om De Pen op Papier? (hij zal wel weigeren.) En geef je me op wat jij nemen wilt? Wil je alléén ‘modernen’? Ik zit hier buiten alle lectuur, waaruit gekozen moet worden en zie dus nog steeds niets anders dan wat ik je opgaf.

Zeg Engelman dat ik zijn ‘binnenportret’ door Panhuysen3465 las en, voor zoover ik er verstand van heb, zeer juist bevond. Hierbij het stuk terug, dat hij misschien terughebben wil. - Ik gaf hem een lange verklaring van ‘menschelijk tekort’, dat ik o.a. (en ook in de door hem alléén eraan toegekende beteekenis) met Malraux besprak; hij antwoordt met een arrogant zinnetje dat hij tòch gelijk heeft en dat Malraux geen nederlandsch kent. Mijn antwoord op zooiets is merde. Of nix.

Wat van veel meer belang is, met die vertaling, is dat er - na 2 revisies - nog overal storende drukfouten in staan en dat zelfs zinnetjes weggevallen zijn! Vandaag of morgen komt er dus wel een degelijke schoolmeesterij over, in een zoogeheeten vakblad, waaruit blijken moet dat ik: a/ geen fransch ken, b/ geen nederlandsch ken, c/ niet lezen kan, d/ niet vertalen kan, e/ niet corrigeeren kan. - Waarop ik tenslotte alleen kan antwoorden dat ik, voor een werkelijk volmaakte vertaling van dit boek, niet 3½ maand had moeten hebben maar minstens 6 (Larbaud doet een jaar over iedere Butler-vertaling!) en dat ik dan nog met minder slordige drukkers te maken zou willen hebben dan die van de W.B. (Tot op de 2e revisie heb ik nieuwgemaakte fouten moeten verbeteren en weggevallen zinnen moeten bijschrijven: je merkt zooiets 3 ×, maar 1 × lees je er over heen.)

Ik heb de W.B. geschreven en ze gezegd dat ik een gecorrigeerd ex. tot hun beschikking hield voor een eventueele herdruk. Maar ik heb de pest hierover, omdat ik er werkelijk veel inspanning voor over heb gehad.

Als je me de lectuur bezorgt voor dien verhalenbundel, zal ik je weer antwoorden. Ik ga nu eerst voor 3 weken naar Bretagne om te probeeren Ducroo daar af te maken. Tot eind Januari wil ik mij aan niets anders meer wijden. Daarna ben ik tot je beschikking voor ‘onzen’ bundel.

Antwoord jij Querido nu? Zeg dan dat niets nog zeker is, maar dat... enz., enfin, wat je wilt, aangezien het idee van jou is uitgegaan. Hoofdzaak is dat hij best wil.

Met je toestand gaat het nu beter, hoop ik?3466 Het is mij toch net of ik alle contact met jou, op dit gebied, verloren heb, tot ik je weer teruggezien hebben zal. Na Nieuwjaar gaan wij hier wschl. naar een ander appartement.

Het beste, in ieder geval, en met alles; veel hartelijks, ook aan Rien, van ons beiden.

Je E.

 

P.S. Vraag jij Q. ook hoeveel blzn. het boek mag worden, wat de auteurs ervoor kunnen krijgen, en wat wij? Wou je er een inleiding bij schrijven? En hoe? klein of groot?

*Of jij - als we er zeker van zijn.
3465Jos Panhuijsen, ‘Jan Engelman’. In Boekenschouw 28 (1934-193$) 7 (november 1934), p. 295-300.
3466Marsman leed in die tijd aan zenuwpijnen, waardoor hij gedeprimeerd raakte.
vorige | volgende in deze correspondentie
vorige | volgende in alle correspondentie