E. du Perron
aan
J. Peeters

Monte Brè, 21 augustus 1924

M. Brè 21 Aug. '24.

 

Beste Peeters,11

Dank voor brief en uitknipsel. Grappig dat Berckelaers zoo'n vooruitzienden blik heeft. Misschien wordt de uitgeverij nu een kwestie van uitstel? Tant mieux, dan ben ik in Brussel terug; ik vertrek wschl. 17 Sept. van hier. Wat onzen bundel betreft, stel hem maar op 5 frank; ik zou zelfs zeggen, gerust op 6 frank, vind je niet? het is een luxe-uitgaafje met beperkte oplage. Ik had intusschen gaarne de volgende proeven nog hier, zeg den drukker maar dat hij ze direkt hierheen opzendt, dan krijg jij ze weer van mij. De opdracht bijv. wil ik veranderd hebben. Inplaats van het boekje aan mijzelf op te dragen, wil ik dat nu doen:

 
Aan de kritikaster die*
 
de mééste der volgende verzen
 
als krankzinnig zal aanhalen12

Ainsi soit il et pas autrement. De goeie heer de Bom13 - ondanks ZEd's complete onverantwoordelijkheid, want de man kan geen proza-regel van een vers onderscheiden - heeft mij dit in de pen gegeven. Je weet trouwens dat uit z'n verband citeeren een van de meest gebruikte truukjes is van het ‘métier’. Men hoeft dus niet eens de Bom te heeten om dat mopje toe te passen, men kan Querido zijn of de Meester. Jammer dat je me geen andere, en nòg vermakelijker kout, kunt opzenden, - ik kreeg je brief aan het diner en had moeite om niet in m'n eentje te zitten grinniken. Die leelijke Oscar Duboux ook, die zich Jacques laat noemen op den koop toe, hoe kan mijnheer de Bom zooiets nu laten passeeren? Als hij Emanuel heet, dan heet-ie Emanuel, of nou ja, voor 'n enkele goeie vrind desnoods nog Manus, en voor z'n vrouw (als ze erg 'r best gedaan heeft) Mannie - ook wel met 'n y geschreven - maar hij zou 't toch nooit in z'n kop krijgen om zich bijv. Siegfried te laten noemen? of Romeo? of Adam?

De zon laat mij hopeloos geel-en-wit; er is niks aan te doen: ik laat me blakeren en verander niet van kleur. Geen kameleon-constitutie klaarblijkelijk. Overigens gaat alles best; Herr Doktor verklaart zich zufrieden. Ik laat m'n beste Duitsch sissen en knallen en als je de lui hier gelooft moet het zeer ‘komiesj’ zijn. Ze noemen mij ‘Mijnheer’ inplaats van ‘Mein Herr’ - uit pure hoffelijkheid zeker. Uit pure hoffelijkheid speel ik soms schaak met leelijke dames. De tijd gaat om. Ik hoop spoedig, en ongemerkt, voor u beiden te staan en u de terra-cotta handen te drukken. Geloof mij steeds.

uw toegenegen D.P.

 

P.S. - Van Casteels14 ontving ik een nogal aardig schrijven. (En wàt zegt de groote Van Ostayen?)

 

Origineel: Antwerpen, Letterenhuis

11Belgisch schilder (1895-1960). Jozef Peeters, secretaris van de Antwerpse Kring Moderne Kunst en - met Berckelaers - redakteur van Het overzicht, was een vriend van Van Ostaijen. DP maakte met hem kennis in januari 1924. De kleine ‘roman’ Het roerend bezit kon daardoor, in mei van dat jaar, verschijnen als uitgave van Het overzicht. In het najaar van 1924 richtte P met DP de uitgeverij De Driehoek op. Als eerste uitgave verscheen in november 1924 de dichtbundel Kwartier per dag, op naam van Duco Perkens. De ‘Typografiese schikking en verluchting’ was in handen van P. De prijs werd vastgesteld op 6 frank en de oplage bedroeg 250 ex. De drukproeven waarvan in deze en volgende brieven sprake is, betreffen telkens deze bundel. Voor bibliografische gegevens over DP's gepubliceerde werk, zie Vw 7.
*Variant: Aan het kritikusje dat
12Deze opdracht heeft DP uiteindelijk geschrapt.
13Emmanuel de Bom (1868-1953) besprak onder de kop ‘komkommeriana’ in het Antwerps dagblad Volksgazet van 16 augustus onder meer Het roerend bezit: ‘Het is om te wanhopen: die Perkens is overal geniaal - op 't randje af dus van den waanzin.’
14Franstalig Belgisch auteur. Maurice Casteels was een vriend van P en werkte tweemaal mee aan Het overzicht en verder aan De driehoek en 7 Arts. DP vertaalde zijn roman Sander Meykamp, zoals hij meedeelt in ‘Herinneringen aan “modern” Vlaanderen’ (Vw 7, p. 502).
vorige | volgende in deze correspondentie
vorige | volgende in alle correspondentie