E. du Perron1899-1940
E. du Perron, uit Het land van herkomst: ‘Hoe meer je iets kent, hoe minder reëel het worden kan. Toen ik pas uit Indië kwam vond ik Marseille doodgewoon; ik dacht dat ik eindelijk in het land was waar ik thuishoorde; en dat niet alleen, maar ik kende ook de verdiepingwoningen, het totaal andere aanzicht van een straat, door de films die ik gezien had. En binnen korte tijd werd alles haast te reëel: het hinderde mij dat de mensen in Europa er zo burgerlijk uitzagen, niet alleen de mensen die ik sprak, maar ook die op straat, op de caféterrassen, ook het volk, ook de gezichten die ik zag in de gevaarlijke buurten. Ik dacht dat ze je zelfs op een burgerlijke manier zouden slachten. Het avontuur: de mensen van boeken en films, heb ik jaren lang niet kunnen herkennen. En nu... het is griezelig zoals ik uren kan doorbrengen met het proeven van het monster achter de stompzinnigste gezichten; als ik nu in de arabische wijk ging zoeken, zou ik minder monsters ontdekken dan er op dat trottoir daar voorbijgaan. Let eens op: is dit specifiek frans? is dit niet de amerikaanse wereld van Faulkner: van dronkaards, lustmoordenaars, hebefrenen en impotenten? Misschien heb ik over echte Parijzenaars in de grond nog altijd mijn indische begrippen...’...E. du Perron, uit Het land van herkomst: ‘Hoe meer je iets kent, hoe minder reëel het worden kan. Toen ik pas uit Indië kwam vond ik Marseille doodgewoon; ik dacht dat ik eindelijk in het land was waar ik thuishoorde; en dat niet alleen, maar ik kende ook de verdiepingwoningen, het totaal andere aanzicht van een straat, door de films die ik gezien had. En binnen korte tijd werd alles haast te reëel: het hinderde mij dat de mensen in Europa er zo burgerlijk uitzagen, niet alleen de mensen die ik sprak, maar ook die op straat, op de caféterrassen, ook het volk, ook de gezichten die ik zag in de gevaarlijke buurten. Ik dacht dat ze je zelfs op een burgerlijke manier zouden slachten. Het avontuur: de mensen van boeken en films, heb ik jaren lang niet kunnen herkennen. En nu... het is griezelig zoals ik uren kan doorbrengen met het proeven van het monster achter de stompzinnigste gezichten; als ik nu in de arabische wijk ging zoeken, zou ik minder monsters ontdekken dan er op dat trottoir daar voorbijgaan. Let eens op: is dit specifiek frans? is dit niet de amerikaanse wereld van Faulkner: van dronkaards, lustmoordenaars, hebefrenen en impotenten? Misschien heb ik over echte Parijzenaars in de grond nog altijd mijn indische begrippen...’...
02-11-1899